|
Naar Zuid-Afrika van 9 oktober tot 31 oktober 2003
Donderdag 9 oktober 2003 De tassen zijn gepakt, iedereen is gedag gezegd, dus we kunnen naar schiphol. Coby brengt ons weg. Als we inchecken hebben we een klein bagage probleem, we hebben 4 kilo overgewicht, wat mee mag als we 180 euro betalen of als we het als handbagage mee nemen, dat doen we dus. Om 20:00 uur gaan we boarden, probleempje, het vliegtuig, een Boeing 747-400, de City of Atlanta, is overboekt. Wie wil er voor 500 euro aan vouchers zijn stoel opgeven, nou wij niet. We hebben een leuke two-seater op de achterste rij van het vliegtuig. Lekker hoor niemand naast je. Na het eten en een borrel maar eens proberen te slapen. Koos slaapt weinig, ik als een marmot, ik word alleen even wakker om m’n riem vast te maken, vanwege hevige turbulentie boven de evenaar.
Vrijdag 10 oktober 2003 Om half acht landen we op Jo’burg International Airport, nu gaat ons avontuur echt beginnen. De tassen kwamen lekker snel en ook de douane was snel gepasseerd. En na even een kattenwasje en tandjes poetsen, gaan we op zoek naar de reisagent om de papieren op te halen. Na wat geld gepind te hebben brengt een “porter” ons naar Avis waar we de auto op kunnen halen. Het is een gloed nieuwe Nissan Almera, met pas 1300 km op de teller, daar gaan we snel meer van maken. Nu zo snel mogelijk de stad uit, aan de verkeerde kant van de weg. We rijden richting Witbank en dan naar Middelburg, maar eerst een kop koffie en een sigaretje [de eerste na 14 uur]. Via Middelburg gaan we naar Botshabelo, een klein dorpje met een openluchtmuseum waar je de kleurrijke hutten van de Ndebele stam kunt bezoeken, ook zijn er enkele Ndebele vrouwen met hun traditionele dekens om.
Onderweg zien we onze eerste zebra’s, struisvogels en impala’s. Na een zonnige, warme ochtend begint het vanmiddag te regenen, het ruikt ook naar regen. Omdat we toch wel een beetje moe zijn rijden via Belfast naar Dullstroom waar we vannacht slapen.
We hebben een prachtige lodge in the Critchley Hackle, de lodges liggen aan een meertje waar je kunt vliegvissen op forel, de vis kun je dan ’s avonds bij het diner eten. Jammer dat we hier maar 1 nachtje blijven, want het is een schitterend plekje met heel aardige mensen.
Zaterdag 11 oktober 2003 Na een fantastisch ontbijt [de eerste in een lange rij] vertrekken we om een uur of negen in gewassen auto!!!. Op naar de Blyde River Canyon, we gaan van Dullstroom, via Lydenburg naar Ohrigstad. Onderweg worden we verrast door een groene meerkat die op de weg zit, bijna zijn staart eraf gereden, wij zijn ook geen apen op de weg gewend. De eerste stop is bij de rondavels ook wel de “three sisters” genaamd. Dit zijn drie enorme rotsen die gezellig naast elkaar staan. Jammer dat het niet helder is, want de temperatuur is prima zo’n 25 graden, en het uitzicht is hier prachtig. We gaan verder door de
Drakensbergen naar Bourke’s Luck Potholes, door erosie van de rivier ontstane bassins in de rotsen bij de samenvloeiing van de Blyde en de Treur.
De volgende stop is bij de Berlin Falls, helaas is het de laatste tijd erg droog geweest, dus is de waterval wat smalletjes, maar het water valt wel 80 meter de diepte in. Het volgende verschijnsel is God’s Window, bij helder weer kijk je eindeloos ver door het ‘raam’ van de Drakensbergen.
We stoppen nog even bij de Pinnacle, een enorm stuk steen dat uit het niets lijkt te komen. Dan naar Pilgrims Rest, een ‘levend museum’. Dit stadje is gebouwd voor de goudzoekers die hier naar toe kwamen. Na al deze natuurverschijnselen op de Panorama route rijden we richting Hazyview waar we in Casa do Sol zullen overnachten.
Ook hier hebben we weer een enorme kamer van alle gemakken voorzien, alleen jammer dat net voor het douchen de stroom uitvalt. We hebben dus bij kaarslicht gedoucht en gegeten, want pas om een uur of tien was er weer licht.
Zondag 12 oktober 2003 Vanmorgen al vroeg wakker, hadden we gisteravond in het donker een kikker in de kamer, vanmorgen werden we gewekt door een poes die op inbrekerspad was, ja, ja de safari is al begonnen. Na het ontbijt nog even in door de tuin gewandeld, de achterkant ban dit complex kijkt uit op de rand van de Kruger Wildtuin. Onderweg was het slecht weer, veel regen en erg mistig. Er lopen heel veel mensen langs de weg, op weg naar???, ergens anders. Na zo’n 100 km kwamen we het eerste bord van Timbavati tegen. De regen is inmiddels opgehouden. Het park komt dichterbij, en na nog 30 km door heel veel stof, waar we de eerste impala’s en giraffen zien, zijn we bij de Kings Camp.
Na een fantastische ontvangst worden we naar onze lodge gebracht, maar niet voordat we een formulier hebben ondertekend, waarin staat dat zij goed op ons zullen passen, maar dat wij beloven niet alleen in het donker door het kamp zullen lopen. Er is namelijk alleen een beveiliging tegen olifanten, het overige wild kan in en uit lopen. Om half drie worden we verwacht voor de lunch, en dan hebben we vrij tot 16:00 uur, als we onze eerste game-drive gaan maken, spannend hoor. We maken kennis met Chris, de ranger en met Gianni, de tracker [=spoorzoeker]. Zij zijn onze steun en toeverlaat de komende dagen.
We zijn nog niet op weg of we stuiten al op een paar buffels, die bij een poel staan te drinken, en in no time is het een enorme kudde. Dan gaan we opzoek naar het luipaard, dat al een paar keer in de buurt is gezien. Het is een oud vrouwtje dat regelmatig in de Kings Camp op bezoek komt. En passant komen we nog een giraffe tegen en wat impala’s [door veel rangers NAFI genoemd = Not Another Fucking Impala]. En dan komen we een groep van zo’n 50 olifanten tegen, vrouwtjes, pubers en jonge dieren, wat een enorme oren en een grote slagtanden, het is heel veel grijs. Top dag we hebben al 3 van de big five gezien. We stoppen even voor een sundowner [drankje bij zonsondergang in de bush]. En beleven voor het eerst de ‘smell of Africa’, in eens is het hier pikdonker. En als Gianni met het zoeklicht weer voor op de auto zit gaan we weer verder.
We zien dan nog een giraffe, een bushbaby en nog wat impala’s. En zo zijn we weer terug in de Kings Camp, waar we worden opgewacht met een drankje [er wordt wat afgepimpeld in donker Afrika]. We worden door nachtwaker Abraham naar onze lodge gebracht, met de belofte dat we hem bellen als we klaar zijn voor het diner. Na een verfrissende outdoor shower zijn we klaar voor een nieuwe culinaire verrassing. En op tijd naar bed want morgen is het weer vroeg reveille.
Maandag 13 oktober 2003 Om half zes worden we gewekt, want om 6:00 uur is er weer een game-drive, maar eerst is er koffie met muffins in de uitkijktoren. De zon komt hier verrassend snel op. We komen al gauw een groepje giraffen tegen, wat olifanten, een paar impala’s, een steenbokkie, en wat vervet monkeys [= de aap met de blauwe ballen]. Ook zitten we weer midden in een enorme kudde buffels [zo’n 300]. Verder is er nog weinig wild op pad. En na de koffie in de bush, gaan we op wandelsafari
met Chris. Spannend hoor, je hebt nu niet de bescherming van de jeep. We bekijken drollen, pootafdrukken, vernielde bomen [olifanten] en een termietenheuvel. Na zo’n 1 ½ uur lopen zijn we weer bij de Camp. Even douchen, en weer een uitgebreid ontbijtje. We zijn nu vrij tot half drie, want dan is het weer lunchtijd. We hebben even een mailtje naar het thuisfront gestuurd, genoten van het uitzicht op onze veranda, en we hebben het wild bij de drinkpoel gespot. Om 16:00 uur zijn we klaar voor de avondsafari. Het was geweldig we hebben leeuwen gezien, 2 volwassen vrouwtjes met hun jongen, een puber
vrouwtje en een puber mannetje. Ze zijn lekker lui, zoals het een leeuw betaamt. Ze waren zo dichtbij dat je ze bijna kon aaien. Verder weer impala’s, een leuke groep olifanten met een paar erg puberende mannetjes, met erg veel lawaai en uiterlijk vertoon. En weer een enorme groep buffels die naar de drinkpoel gingen en daar wat olifanten tegen kwamen, wat even spannend werd. Na de sundowner hebben we nog hornbills gezien en toen was her weer donker. Dus ging het zoeklicht weer aan en zagen we nog wat patrijzen in de boom. Vanavond hebben we een braai in de Boma, en bij de drinkpoel hebben we nog een jackhals gezien.
Dinsdag 14 oktober 2003 Ja, hoor om half zes worden we weer gewekt, dus even koffie drinken, wakker worden en dan gaan we de laatste safari in de Kings Camp doen. En wat voor een, we hebben kudu’s en nyala’s gezien en ook de teritorial male lions van Timbavati, wat
een flinke jongens zeg. Natuurlijk ook nog een paar giraffen [kamelpeerd] gezien. En er was een spoor naar een mannetjes luipaard, maar nadat we bijna met de jeep in de bush vast zaten, zagen we alleen z’n kont en z’n staart. Maar gelukkig was er nog een spoor naar een vrouwtjes luipaard met haar 1 jarige zoon. Dus zijn we daar op af gegaan en op zo’n 2 meter afstand
hebben we daar onze fotorolletjes kunnen volschieten, maar vooral ook kunnen genieten van deze dieren. Om half elf zijn we pas terug, nu snel douchen en de tas inpakken en na een veel te veel ontbijtje verlaten we Timbavati. We gaan een lange saaie rit maken naar Pretoria, de kans dat we de stad nog kunnen bekijken is nihil, want het luipaard heeft ons hele reisschema in de war gegooid. Onderweg toch nog even gestopt omdat we onder de ‘brug’ nog 2 kolossen van olifanten tegen kwamen. En dan vol gas via Hazyview en Nelspruit naar de snelweg naar Pretoria [± 600 km]. Het is al donker als we om 19:00 uur in Kloofhouse aankomen. We hebben een prachtige suite, woonkamer, badkamer en slaapkamer, jammer dat we morgen alweer vroeg weg moeten. Maar nu eerst even genieten, je waant je hier terug in de tijd, de vrouwen [zwart] hebben allemaal een wit schortje voor en een kanten mutsje op, en ze zijn erg aardig. Na een fantastisch diner, gaan we de tassen even reorganiseren, zodat we morgen geen bagageprobleem krijgen en om 00:00 uur gaan we slapen, het was me het dagje wel.
Woensdag 15 oktober 2003 Weer om half zes op, wassen, plassen en aankleden en weer een uitgebreid ontbijtje. Na het uitchecken [op het kantoor van de manager hangen foto’s van beroemde gasten die in Kloofhouse hebben gelogeerd, en ja hoor Prins Bernhard is of was hier vaste klant, onze foto zal er zeker niet bij komen te hangen], gaan we op weg naar het vliegveld van Jo’burg. En geloof het of niet we komen in de file , heerlijk het is net Nederland, maar we zijn op tijd en na de auto te hebben ingeleverd bij Avis, gaan we inchecken bij South African Airlines voor de vlucht naar Port Elizabeth aan de zuidkaap. Het vliegtuig vertrekt op tijd en zit niet vol, dus hebben we lekker de ruimte. Binnen 1 ½ uur zijn we aan de andere kant van Zuid-Afrika. Na de tassen te hebben opgehaald, gaan we weer naar Avis voor onze auto, weer een Nissan Almera alleen is-ie nu erg blauwgroen en ook weer erg nieuw. Nu hup snel de stad uit en op naar het Addo Elephant National Parc, we verblijven in het tentenkamp Gorah Elephant. Bij de poort van het kamp worden we al welkom geheten, dan nog 10 km en we zitten tussen de Addo olifanten.
We zien ook al de eerste hartenbeesten [alleen in Addo] en zebra’s en ook de olifanten zich aan. Na aankomst genieten we eerst van een drankje op de veranda en krijgen gelijk bezoek van drie enorme olifanten. We hebben een enorme tent, met een kingsize bed, toilet, douche en verwarming, we zijn van alle gemakken voorzien, er is alleen geen stroom. Maar het is wel apart als je vanuit je bed of vanuit je luie stoel de dieren kunt zien. Na de lunch zijn gaan we in de tuin bij het zwembad zitten om te zonnen en te zwemmen [Koos]. In de tuin zien we een enorme sprinkhaan. Om 16:00 uur worden we weer in het ‘grote huis’ verwacht voor koffie en thee en veel te veel taartjes, en dan gaan we weer op safari. De ranger zou proberen of ze
de neushoorns kan laten zien, want dan is onze Big Five compleet. We zitten al snel weer tussen de olifanten, en niet zo weinig ook, er is zelf een jong van ongeveer 1 maand oud bij. We zien ook twee jonge mannetjes vakkundig een boom slopen. Ook zijn hier veel groene meerkatten, hartenbeesten, struisvogels en koedoe’s. We zien een gewone duiker,
een jackhals, kingfishers en elanden. Ook nu is er weer een sundowner en ook hier gaat de zon heel snel onder. Na de safari even douchen, lekker eten en dan is er om 22:30 uur nog een nachtsafari. We hebben nog best veel dieren gezien in het donker, voornamelijk ogen van o.a. buffels, uilen, duikers, hartenbeest en een haas. Terug op de camp drinken we nog een kop koffie om op te warmen en dan hup naar de tent, waar de kachel brand!!.
Donderdag 16 oktober 2003 Vanmorgen uitgeslapen tot half acht, toen werd er koffie en thee bij de tent gebracht. Leuk hoor op de veranda van je eigen tent genieten van de dieren die ook al wakker zijn en op weg gaan naar elders. De buren maken ons attent op een zwarte neushoorn, weliswaar ver weg, maar met veel lenzen of een goede verrekijker toch te zien. Na het ontbijt vertrekken we voor onze laatste safari. Het is weer een geweldige game-drive, de ranger heeft nog geprobeerd om de neushoorn van vanmorgen
op te sporen, maar helaas we hebben hem niet meer gezien. Wel hebben we weer ontzettend veel olifanten gezien, we zaten midden in een kudde van zo’n 20 dieren die bijna in de jeep kwamen, ze schuurden bijna tegen je aan. Verrassend hoeveel rust er van die kolossen uitgaat. Verder hebben we nog een secretarisvogel, zebra’s en hartenbeesten met jongen gezien. Omdat er regen dreigt en de wegen onverhard zijn gaan we om een uur of elf terug naar het camp. We drinken hier nog even koffie en dan is het tijd om te vertrekken. We zijn Addo nog niet uit of het gaat regenen. We zijn op weg naar The Craggs.
Het eerste stuk van de rit is niet zo interessant. Maar als we het Tsitsikama naderen wordt het heel groen en erg mooi, we stoppen bij de brug over de Stormriver om de diepte van het Tsitsikama te bekijken en dat is diep. Na een kop koffie om op te warmen [het is ineens geen mooi weer meer] gaan we verder naar de volgende stop ‘The Big Tree’. Dit is een waanzinnig
hoge boom in een enorm geelboomwoud. Als er een buslading toeristen aankomt, besluiten we te vertrekken en richting The Craggs te rijden waar de The Hog Hollow Lodge staat, hier overnachten we. Om 17:00 uur komen we aan, het giet inmiddels maar we worden ontvangen met een kop koffie, en kiezen het menu uit voor vanavond, 5 gangen!!. We hebben een prachtige lodge met een veranda, een zitgedeelte, een slaapkamer met stookplaats en een lekkere douche. Na het eten nog even de foto’s van vandaag bekeken en even lekker lezen in bed, met de open haard aan en een gezellig Zuid-Afrikaans muziekje erbij, en wat denk je, ligt er ook nog een kruik in bed, ik schrok me de tandjes ’t voelde als een harig eng beest.
Vrijdag 17 oktober 2003 Goedemorgen, ze kunnen het hier ook de Frog Hollow Lodge noemen, we worden gewekt door een luidruchtig kikkerconcert, erg leuk. Na het ontbijt rijden we om 9:30 uur weg, het is gelukkig droog geworden al is het nog frisjes. We rijden een stukje terug omdat we de oude weg door het Tsitsikama National Parc willen rijden. De eerste stop is Nature’s Valley, een mooi
zandstrand en een prachtige lagune van de grootrivier delta, we zien het geweld van de Indische Oceaan, want het waait heel hard en er zijn waanzinnige golven met geweldige uitlopers op het strand. We rijden verder over de Blaukrans Pass,
een smalle stroom bruin [niet vervuilt] water gaat als een lint door een groot bos heen. Hier en daar komen we nog wat baboons tegen. En ook de zon komt er weer bij. We gaan via de N2 terug via Plettenberg Bay, een decadente badplaats voor rijke Afrikaners. Bij de Pick ‘n’ Pay wat broodjes, beleg en billtong gekocht voor de lunch. En dan op weg naar Knysna [spreek uit: Naisna]. Bij het Waterfront een kop koffie gedronken en wat rondgesnuffeld, er zijn lekker veel winkeltjes hier. En dan
naar ‘The Heads’, dit zijn twee zandstenen kliffen die de lagune waaraan Knysna ligt ‘beschermen’. Je hebt hier een prachtig uitzicht, en ook hier bonkt de oceaan tegen de rotsen. We gaan op zoek naar de Belvidor Manor waar we 2 nachten blijven. Dit ligt in een poep chique wijk aan de andere kant van de lagune, hier staan allemaal prachtige witte huizen met groene daken, gezellige veranda’s en een engels gazonnetje. We verblijven in een enorm huis, met 3 slaapkamers, 2 badkamers, balkons, een tuin en een grote keuken [doen we niets mee]. We worden door de drukste neger [Jeffrey] die er bestaat naar ons huis gebracht, hij rent en wij kunnen hem met de auto bijna niet bijhouden. De open haard brand al en Jeffrey heeft de tassen al naar boven gebracht en is alweer verdwenen ook. Hier houden we het wel 2 dagen uit. Tijd voor een wasje, en een grote opruimbeurt van de tassen. Ook hier is het eten weer voortreffelijk. Na het eten de open haard weer opgestookt en alle kachels in het huis aangezet want het is ’s avonds erg fris.
Zaterdag 18 oktober 2003 Op tijd opgestaan, de zon schijnt dat het een lieve lust is en de vogeltjes zingen alweer. Na een stevig ontbijtje vertrekken we naar het station van Knysna, want we gaan met de Outeniqua Choo-Tsjoe, een oude stoomtrein die tussen Knysna en George
rijdt. De trein wacht niet, maar we zitten op tijd in de trein voor een tocht van 68 km. Het is een grote stoomlocomotief met oude wagons erachter. We tuffen door het Outeniqua Reserve met bossen en meertjes. In Sedgefield stopt de trein een paar minuten, dus iedereen gelijk uit de trein, het weiland in, foto’s maken en hup de trein weer in. Dan gaan we richting
Wilderness, over de Kaaimanbridge om de rit te beëindigen in George. In het station van George is een spoorwegmuseum waar je doorheen komt als je het station uitgaat. We hebben een enkele reis genomen en worden om 13:00 uur door Andrew
teruggebracht naar Knysna. Na een broodje te hebben gegeten en een bezoekje aan de slijter en de billtongwinkel geven we onszelf een vrije middag. Lekker op het balkon in het zonnetje zitten lezen. Vanavond hebben we onszelf een goed gefuifd, Knysna is beroemd om z’n oesters, dus die hebben we maar eens gekeurd [toppie], en we hebben een heerlijke kudusteak gegeten, al het wild dat we zien willen zo mogelijk ook eten. De tassen zijn weer gepakt en de was is droog want morgen gaan we weer verder.
Zondag 19 oktober 2003 Vroeg wakker, de zon staat al weer te lachen aan de hemel, de vogeltjes zijn ook al wakker en de parelhoenders pruttelen ook al weer, we gaan nog even een ontbijtje doen en dan is ‘good old Jeffrey’ er al weer om de tassen is de auto te zetten. We gaan vandaag naar Oudshoorn, het hart van de struisvogelfokkerijen. Via George, waar we kennis maken met Impie [die zo
zegt hij zelf de parkeerplaats bewaakt], over de Montagupass naar Oudshoorn. Onze eerste stop is de Cango Wildlife, een cheetah- en krokodillenfarm. Het is ook een kleine dierentuin met een paar stokstaartjes, leeuwen, witte tijgers, krokodillen en cheetah’s. En daar gaat het om je kunt hier namelijk je cheetah-aaibewijs halen, tegen betaling van ZAR 50,--. Dat hebben we gedaan, wouw wat gaaf zeg, je gaat het verblijf in waar 4 cheetah’s liggen [+ verzorger] en dan loop je naar de cheetah’s en hurk achter ze neer, je mag ze over hun kop, zijkant en rug aaien, een geweldige ervaring, het zijn gewoon super grote poezen, ze snorren, alleen is hun vacht wat stugger. Ik wilde dit zo graag meemaken en het was zo leuk. Tijd voor de lunch, als je op een krokodillenfarm bent ga je natuurlijk ook krokodil eten, het smaakt best goed een beetje vettig maar niet slecht.
Dan gaan we naar de struisvogels, wij hebben de Highgate farm uitgezocht om te bezoeken. We krijgen een rondleiding, eerst wordt er iets over de veren verteld, die heel zacht zijn. We hebben de broedmachine gezien vervolgens gaan we naar de struisvogels zelf. We zijn bij een broedend struisvogelpaar in de kraal geweest en hebben ook de eieren vastgehouden. Dan gaan we naar een andere kraal waar je zelf op de struis mocht gaan zitten of ze gewoon aaien, en dan is er nog een struisvogelrace, wat kunnen die beesten rennen zeg. In de souvenirshop nog een echte struisvogelplumeau gekocht voor m’n
ma. En dan gaan we opzoek naar La Plume, ons adres voor vannacht. We overnachten in een prachtig ouderwets huis met een mooie veranda en ook de kamers zijn in oude stijl ingericht. We eten vanavond natuurlijk struisvogelbiefstuk en die smaakt prima. Na het diner drinken we koffie op de veranda en genieten nog even van de struisvogels [het is natuurlijk donker].
Maandag 20 oktober 2005 Het belooft een warme dag te worden, dus zijn we al weer vroeg op pad, we gaan vandaag naar Montagu, bij de Pick ‘n’ pay
nog even broodjes e.d. voor de lunch kopen en dan verlaten we Oudshoorn via Calitzdorp [witte port], Amalienstein, waar een leuk missiekerkje staat, de route 62 op naar Ladismith. Na een kop koffie en een plaspauze gaan we richting Berrydale, waar we nog even tanken want in de Karoo is het erg uitgestorven. We gaan de Tradow Pass over, waar we een leuk picknick plakje vinden bij een klein watervalletje. In Swellendam bekijken we de mooie oude huisjes. Onderweg komen we grappige
plaatsnamen tegen zoals: Buffelsdrift en Baviaanskloof. Via Ashton gaan we naar Montagu, omdat het erg warm is besluiten we direct naar de Mimosa Lodge te gaan, dit is een goed idee want ze hebben een lekker zwembad met ligstoelen, dus even aan de teint werken. Ook hier hebben we weer heerlijk gegeten, 5-gangen en als afsluiter koffie met brandy of grappa in de tuin. De Zwitserse eigenaar was in Nederland geweest dus daar nog even over gekletst. En weer op tijd naar bed.
Dinsdag 21 oktober 2003 Goedemorgen, de zon is al weer vroeg op dus kunnen wij niet achterblijven. Na het zoveelste uitgebreide ontbijt gaan we Montagu nog even verkennen. Het is een leuk dorpje met grappige witte en pastelkleurige huisjes met keurige tuintjes. Dan
vertrekken we richting Paarl. We rijden via Ashton over de pas door de Witteberge naar Worcester en dan naar Paarl. Omdat het weer erg warm is besluiten we de Bain’s kloof pass te laten voor wat het is. In Paarl halen we weer wat broodjes en we picknicken bij het Language Monument. Dit monument is in 1975 gebouwd ter erkenning van de Afrikaanse taal, 100 jaar
eerder. We maken nog een wandelingetje door Paarl en besluiten dan Gasthof Zomerlust op te zoeken, we kunnen nog even van het zonnetje genieten want ook hier is weer een lekkere grote tuin met fijne stoeltjes, zeer geschikt om je boek in te lezen. We hebben weer een prachtige grote kamer, waar we voor het eten nog even een portje en wat billtong nuttigen. We hebben boboti gegeten, een echt Afrikaans gerecht van gehakt, brood, appel, rozijnen, ei en heerlijke kruiden. Na een kop koffie in de tuin gaan we slapen, morgen de wijnroute.
Woensdag 22 oktober 2003 Na een lekker ontbijtje met een kopje rooibosthee [ik proef geen verschil]. Vandaag de wijnroute, de kaap heeft een groot wijngebied. We gaan eerst naar Franschhoek, een plaats met een typisch Frans karakter. De Franse Hugenoten legden zich hier toe op de wijnbouw. Boven aan de hoofdstraat staat het Huguenot Monument, met een prachtige tuin erbij, waarin veel
protea’s [nationale bloem van S.A.] staan. Veel huisjes hebben typisch Franse kleuren. We drinken koffie op een terras met lavendelblauwe stoeltjes, en sturen ook nog even een paar kaartjes naar het thuisfront. We slenteren nog wat door de hoofdstraat en voelen ons een beetje Frans hier. Het is het eerste plaatsje wat een beetje toeristisch aandoet. Hierna gaan we langs de wijngaarden naar Stellenbosch. Dit is een echt wijnbolwerk. De zon laat ons een beetje in de steek, maar de temperatuur is prima. We lunchen voor het eerst sinds we op Afrikaanse bodem zijn in een Italiaans restaurant. Dan gaan we Stellenbosch verkennen. Het VOC gebouw, een kerkje en natuurlijk Oom Samie se winkel, een klein winkeltje met allemaal
kamertjes, als je naar binnen wilt moet je bellen en dan gaat her hekje open. Je kunt hier werkelijk alles kopen van een bontjas tot een pot jam en van wijn tot een schaakspel, zelf een pistool kun je er kopen. We hebben natuurlijk even lekker geshopt. Het winkeltje werd gerund door 2 dames die zo uit de oude doos kwamen. Omdat het nog niet zo laat is besluiten we naar Tulbagh te gaan, een dorpje met in de Kerkstraat smetteloze Cape-Dutch huisjes, dit zijn witte huisjes met een rieten
dak en groene luiken. Terug gaan we over de Bain’s kloof pass. Het is heel spectaculair, met veel hoogte en diepte verschillen, een prachtig stukje natuur. Nog even door Paarl gezworven, wij vonden het niet zo’n leuke stad om te overnachten, het is een echte werkstad. Straks nog even de tassen pakken want morgen gaan we richting Capetown.
Donderdag 23 oktober 2003 Zo het zonnetje is er weer, dus de korte broek kan weer aan [hing gisteren weer schoon gewassen in de kast]. Na een stevig ontbijtje kunnen we er weer even tegen. Om half tien gaan we op weg via Franschhoek, door de appelboomgaarden naar Hermanus [de kraamkamer van de walvissen], even koffie drinken en wales here we come!!!. Nou ze zijn er, wat een kolossen
en wat veel. Het is een rustig zeetje dus ze liggen heel dicht bij de kust te dobberen. We hebben jongen gezien, die vlak naast hun moeder zwemmen, er was een ook een witte walvis. De walvissen zitten allemaal onder de ‘pokken’. Dus veel foto’s maken en door de verrekijker turen, kortom genieten. Na de lunch hoorden we de toeter van de walewatcher weer, dus hup
snel naar de zee, die is nu wat ruwer geworden zodat de wales niet meer zo erg op één plek lagen. We hebben hier ook onze eerste dassies gezien, wat een guitige diertjes net opgeblazen cavia’s maar dan leuker. Om 16:00 uur verlaten we Hermanus, en rijden we richting Capetown. Onderweg komen we nog een troep baboons tegen op de snelweg???. En om een uur of zes
zijn we bij het Radison Hotel. We hebben een prachtige businessroom, dus heel veel ruimte en een balkon met uitzicht op de Atlantische Oceaan en op Robbeneiland. Na het douchen gaan we met het hotelbusje naar het Waterfront. Wat een enorm complex zeg, het is net een klein dorp. Lekker burgerlijk ongehoorzaam geweest en bij de Mexicaan gegeten. Met het busje terug naar het hotel, nog even op het balkon naar de zee geluisterd, een portje gedronken en het dagboek bijgewerkt.
Vrijdag 24 oktober 2003 Heerlijk geslapen met het geluid van de bulderende oceaan op de achtergrond. We gaan maar weer eens een ontbijtje halen, het is weer overcompleet en in het kader van de puistjes vandaag geen eitje, maar er is zoveel ander lekkers dat dat geen probleem is. Om half tien gaan we op weg. Het is bewolkt maar niet koud. We gaan het Kaapse schiereiland op. Eerst richting
Muizenberg, dan St. James [leuke strandhuisjes] hier nog even een paar walvissen gespot. Dan Fishhoek, Simonstown en Boulders Beach, hier scharrelt een enorme kolonie brilpinguins. Volgens de boekjes kun je er gewoon tussen lopen, maar dat is niet meer zo. Er is een ‘catwalk’ voor de bezoekers gemaakt, zodat de pinguïns wat minder gestoord worden in hun doen en laten. Er zijn onwijs veel obertjes, lopend, liggend, staand, in de rui, glanzend of lelijk ze zijn er allemaal bij. Volgens het info bord zitten hier zo’n 2.300 pinguïns. Hierna gaan we naar het Cape of Good Hope Nature Reserve. Hier staat altijd wind, en er zijn veel protea’s. Er zitten ook zebra’s antilopen e.d. maar die hebben we niet gezien. Wel kwamen we een groep beerbavianen tegen, wat struisvogels en een slang, die op de weg lag. We zijn eerst met de kabelbaan naar Cape Point
gegaan, het water beukt hier flink tegen de rotsen hier komen de Indische en de Atlantische oceaan bij elkaar. Het zicht is goed, vaak is het hier erg mistig maar wij hebben mazzel. Na een winderig broodje zijn we naar Kaap de goede hoop gereden, je moet hier echt tegen de wind in ploegen, zelfs de golven hebben moeite om tegen de wind in te rollen. Gelukkig zijn we overal net de bussen voor. Na de kaap gaan we verder via Kommetjie, helaas is de kustweg naar Chapmans Peak
afgesloten, dus gaan we via Houtbay langs de kust verder. We hebben onderweg een prachtig uitzicht op de Twaalf Apostelen
en Lions Head. En dan zijn we weer bij het hotel. Het is inmiddels gaan regenen en ook de temperatuur is aan het minderen. Maar als we nog even op ons balkon staan zien we nog wel een paar dolfijnen springen, helaas is de camera te laat. ’s Avonds weer met het busje naar het Waterfront voor een hapje, wat niet meeviel, vanwege de regen kon je niet buiten eten, dus is de capaciteit minder. Maar we hebben natuurlijk wel wat gevonden.
Zaterdag 25 oktober 2003 Vandaag voor de laatste keer verplaatsen. Na een overdadig ontbijt pakken we de tassen nog een keer in, en brengen de spullen direct naar het Table Bay Hotel. Oeps wat een luxe [ik dacht dat we zo langzamerhand wel iets gewend waren, maar het moet niet gekker worden] bij aankomst worden we als VIPs behandeld, en de hele incheckprocedure gaat meteen van start. Terwijl we alleen de tassen wilden afgeven. We gaan nu naar Kirstenbosch National Garden. Het is nu erg slecht weer,
veel regen en wind en ook de temperatuur is niet opperbest. Maar we willen de tuin zien, en tussen de buien door hebben we erg genoten. De tuin is onderverdeeld in verschillende tuinen met ieder een eigen thema. Nog niet alles staat in bloei, maar we hebben prachtige protea’s gezien in alle kleuren en maten. Ook hebben we nog een marterachtig beestje voorbij zien rennen. Verder zijn er ook veel mooie gekleurde vogeltjes en natuurlijk de overal pruttelende parelhoenders. Na een verplicht bezoek aan de souvenirshop [er kwam weer een bui aan] trekken we verder. Op naar Groot Constantia, het wijnhuis van S.A..
het is een mooi opgezet bedrijf, er is van het oude woonhuis een museum gemaakt [camera’s verboden], en achter het huis nog een gebouw met allerlei prullaria die met de wijnbouw te maken hebben. Omdat de rondleiding door de kelder pas over ¾ uur begint [en we weten wel hoe wijn gemaakt wordt] hebben we dat overgeslagen. We zijn wel naar het proeflokaal annex winkel gegaan, helaas hebben we geen proeverij gedaan, want Koos moet nog rijden en alleen proeven is niet leuk. We hebben nog wel een paar flessen gekocht, niet te veel [overgewicht !!!!]. En zijn daarna in Constantia gaan lunchen, op het landgoed was lunchen ook mogelijk maar budgettair onverantwoord. We makken ons laatste tochtje in onze trouwe auto, want die moeten we vanmiddag terugbrengen bij Avis, gelukkig bij het Waterfront en niet op de luchthaven zoals eerst de bedoeling was. We zijn nog net op tijd, want ze waren al gesloten [oh, komen jullie een auto terugbrengen, geen idee van].
En dus lopen we terug naar het Table Bay Hotel, wat nog een stevige wandeling is. Ook hier hebben we weer een prachtige kamer met uitzicht op de oceaan. De tassen worden uitgepakt, we blijven hier nog 5 dagen. Even naar het internetcafé, om te mailen met het thuisfront. ’s Avonds weer naar het waterfront, we kunnen het nu aanlopen. Lekker gegeten bij The Ocean Basket, alleen maar zeeproduchten, heerlijk hoor.
Zondag 26 oktober 2003 Vanmorgen tot 8:00 uur uitgeslapen, we hebben nu de tijd. Het ontbijt hier overtreft alle ontbijtjes, heel veel vers fruit, allerlei verse sapjes [peterseliesap??], vis, vlees, brood, soep??, vleeswaren, kaas en veel zoetigheid je kunt een complete warme maaltijd eten als je wilt. Vandaag gaan we naar het Waterfront, het heet officieel het Victoria and Alfred Waterfront,
eens goed bekijken, het is een groot havengebied, wat 10 jaar geleden nog het terrein van de prostitutie en de criminaliteit was. Maar dat is helemaal opgeknapt [het is nu zo veilig als Staphorst op zondag]. Er zijn prachtig winkels, café’s restaurants, hotels, een zeeaquarium, een jachthaven en ook nog een echte werkhaven. We hebben koffie gedronken met uitzicht op de seals die in de haven ‘wonen’. Omdat het prachtig weer is besluiten we naar Table Mountain te gaan. Maar na de lunch trekt de lucht dicht, er komen boze wolken aan, en dus wijzigen we gewoon de plannen. We gaan nu naar het Two Oceans
Aquarium. Hier vind je vissen en vogels die in en om de Kaap voor komen, zo is er een kolonie brilpinguins, er zijn seals, een groot bassin met witte haaien, schildpadden en yellow-tail snappers. Vooral het voeren van de haaien is er spectaculair, we houden het er wel een poosje uit. Hierna nog even op een bankje naar de wilde seals gekeken. Na een portje en een douche gaan we eten bij de City Grill die hebben namelijk Afrikaanse gerechten op de kaart. We hebben er een heerlijke Kruger Wildtuin gegeten bestaande uit een spies met daaraan: impala, kudu, struisvogel, warthog, springbok filet en een krokodilsaté en boerenworst. Heel erg lekker, maar wel veel. Dus geen plek voor een toetje. Nadat we een poging hebben gedaan om er nog wat calorieën af te lopen, hebben we in de bar van het hotel nog een Amarula gedronken om Mieke’s verjaardag te vieren.
Maandag 27 oktober 2003 De zon schijnt, het is helder en al lekker warm. Dus Table Mountain weer. Na een stevig ontbijt hebben we een taxi genomen naar de Tafelberg. Ondanks dat het nog vroeg is [9:30 uur], zijn we niet de enige die dit plan hebben. Na zo’n 3 kwartier kunnen we in de gondel, die ons in 5 minuten naar zo’n 1.000 meter hoogte brengt. Na een kop koffie gaan we aan de
wandel, het is prachtig weer, heel helder en lekker warm [de sweater en de broekspijpen blijven in de tas], kortom genieten.We hebben een flinke wandeling op het plateau gemaakt, de platte klip gorge walk, alleen Devils Peak hebben we overgeslagen. Het is hier onwijs gaaf, met fantastisch uitzicht op o.a. Robbeneiland, het havengebied, Lions Head, Signal Hill
en The Twelve Apostels. Op de berg is een ruige vegetatie en veel hagedissen en na goed zoeken en geduld hebben zien we dan eindelijk ook klipdassies, ze zijn weer erg leuk, ik wilde niet eerder naar beneden voor we ze gezien hebben. Als we om
een uur of twee besluiten naar beneden te gaan, blijkt er geen stroom te zijn, dus doet doen de gondels het ook niet. Veel mensen staan te mopperen, maar ach we hebben de tijd en dit is Afrika. Terug in het Waterfront gaan we eerst even bij Harry’s een pancake eten. De rest van de middag zitten we lekker op een bankje bij de Clock Tower naar de bootjes en de
mensen te kijken.Ook nog even door de Victoriawarf gelopen. Na het douchen weer een lekker restaurantje uitgezocht, en buiten gegeten want het is nog heerlijk van temperatuur. Na het eten nog even de seals welterusten gezegd [je moet hier blijven wandelen anders groei je dicht met al dat heerlijke eten].
Dinsdag 28 oktober 2003 Vandaag gaan we naar Robbeneiland, we gaan om 10:00 uur met de boot mee, die je in een klein half uur naar het eiland brengt. Een bezoek aan Robbeneiland is een georganiseerde trip want het hele eiland is museum. De boot komt aan in Murray’s Bay Harbour en dan gaan we met een gids, die uit de township Langa komt, in de bus die uit het jaar nul is. We
rijden het hele eiland over, en krijgen zo veel te zien en te horen over Robbeneiland. We stoppen o.a. bij de vuurtoren, het leprakerkhof en de steengroeve Mandela en de andere gevangenen hebben gewerkt en komen dan weer terug bij de gevangenis. Daar worden we rondgeleid door een oud-gedetineerde. Hier zaten allemaal zwarte politieke gevangenen. We
gaan met z’n allen in een cel en daar verteld onze gids hoe ze daar geleefd hebben. Heel indrukwekkend, we bezoeken ook de cel waar Nelson Mandela 18 jaar gevangen heeft gezeten, we zien de luchtplaats en de wasgelegenheid. Na nog wat foto’s te
hebben gemaakt gaan we weer richting boot, want om 13:00 uur vertrekt-ie weer naar Capetown. Onderweg vliegt er een grote groep Jan van Genten ons voorbij en we spotten nog 2 dolfijnen. We lunchen met een broodje. Vanmiddag gaan we opzoek naar een CD-tje met leuke Afrikaanse muziek wat we in The Craggs hebben gehoord. We hebben niet de zelfde gevonden, maar wel een uit dezelfde serie, ook leuk. Na een kop koffie aan de haven gaan we naar de Red Shed Croft Market, om het Afrika gevoel weer even op te vijzelen en je te verlekkeren aan de vele leuke souvenirs, die je allemaal wel mee naar huis wil nemen. Na het douchen even het dagboek bijgewerkt en ’s avonds lekker bij de Portugees gegeten [je hebt hier eet culturen van over de hele wereld].
Woensdag 29 oktober 2003 Het is vanmorgen helemaal bewolkt en een beetje fris. We gaan vanochtend naar Capetown. Als we bij het Waterfront een taxi aanhouden, blijkt het dezelfde chauffeur als naar de Tafelberg te zijn. We hebben een leuk gesprek over de veiligheid in Jo’burg en Capetown, vooral de laatste wordt steeds onveiliger. Bij de Greenmarket stappen we uit, de markt is aan het ontwaken en de eerste Afrikaanse souvenirs zijn al weer uitgestald. We hebben wat problemen met ons richtingsgevoel en gaan daarom eerst maar koffie drinken op een terras [lees: stoep]. De eerste bedelaars komen direct aangesneld, maar die
worden snel weer weggestuurd. We hebben een wandeling uit een boekje gedaan. Via het parlementsgebouw naar het Fort, door een paar zeer zwarte straten naar de Compagnietuin, met heel veel eekhoorns. Na een wandeling door de tuin gaan we naar de Pan African Market, een gebouw van 4 verdiepingen verdeeld in heel veel ‘winkeltjes’. Hier hebben we lekker geshopt, en met een paar tassen vol zoeken we een taxi, die ons weer naar het Table Bay brengt. Bij Harry’s nog een lekkere pancake gegeten en in het Waterfront weer verder geshopt. We komen Arie en Ineke nog tegen, een Nederlands stel met wie we in de
Kings Camp waren. Dus even verhalen uitgewisseld, zij hebben na ons vertrek tijdens de avondsafari de neushoorn gezien [grom, grom]. We hebben nog even een mailtje naar huis gestuurd, en zijn nog even koffie gaan drinken aan het water bij de seals. Het is toch weer mooi weer geworden. Terug in het hotel zijn we maar eens puin gaan ruimen, anders hebben we morgen weer een enorm bagageprobleem. Nog even wat foto’s gemaakt van de zonsondergang en dan gaan we op stap voor
ons laatste diner in Capetown. We zijn 3 weken weggeweest en we hebben van iedere minuut genoten en zijn van het land gaan houden. De mensen, de cultuur, de natuur, het land geweldig.
Donderdag 30 oktober 2003 Ons laatste overdadige ontbijt in het Table Bay Hotel, een raar idee dat we vanmiddag in het vliegtuig zitten. Na het ontbijt gaan we tassen pakken en kijken of we nog ruimte hebben om iets te kunnen kopen. We hebben het nodige achtergelaten, maar alles past perfect. De tassen op laten halen en uitgecheckt. We gaan nog een laatste rondje door het Waterfront maken,
koffie drinken en nog even naar de Red Shed Croft Market. We eten nog een roti bij de Cape Malai. Terug in het hotel nog even de laatste spulletjes inpakken en met de taxi naar het vliegveld. Daar aangekomen kunnen we lekker snel inchecken [geen overgewicht]. Nog even tax free winkelen en dan wachten op het vliegtuig, ik heb m’n schoenen nog laten poetsen [als nieuw]. En dan zien we de Boeing 747-400, de Bangkok. En we gaan op tijd boarden, en vertrekken ook op tijd. Het vliegtuig
zit eivol. We hebben helaas geen two-seater, maar we zitten op rij 43 met een lastige, dikke Duitser naast ons. We vliegen langs de kust van Namibië [ook leuk], Nigeria, Niger, Algerije, Italië, Frankrijk en vast nog meer landen. We hebben behoorlijke turbulentie, dus de gordels blijven om. Na het eten, een wijntje en koffie met een neut, val ik al snel in slaap, Koos heeft weer film gekeken.
Vrijdag 31 oktober 2003 Het vliegtuig landt voor tijd, maar daar hebben we geen voordeel van want we staan 14 cm te ver van de gate en we moeten een half uur wachten voordat er een duwauto is, en we wel goed staan. We hebben snel de tassen en hebben geen problemen bij de douane. We zijn weer thuis. Coby staat ons al op te wachten, snel naar de auto en naar huis. Het regent heel hard, en Afrika lijkt ineens heel ver weg. De cadeautjes zijn met veel enthousiasme ontvangen. En de verhalen komen nog. Eerst de fotorolletjes wegbrengen, en hopen op een strenge winter, want we hebben 22 rolletjes van 36 foto’s en zo’n 600 digitale foto’s. We doen Afrika opnieuw als we gaan plakken.
|